Gedurende
eeuwen waren schapen van groot economisch belang voor de Kempense
bevolking. Om de wol optimaal te kunnen verwerken was het
noodzakelijk dat deze zo goed mogelijk gewassen en gespoeld werd.
Hiervoor had men overvloedig zuiver, stromend water nodig en uit
ervaring wist men dat het water van de Nethe hiervoor uitstekend
geschikt was.
Dat wist ook Hendrik Peten. Op 3 maart 1879 bekwam hij van het
college van burgemeester en schepenen van de gemeente Moll de
toelating om "eene wolwasscherij op te richten op zijnen moestuin
op drij meters afstand van de Neeth".
Na 1918 werden in de weverij van de gebroeders Peten niet alleen de
traditionele rode dekens met zwarte strepen geweven maar ook witte
dekens met blauwe strepen. Hierdoor kreeg het huisje een nieuwe
bestemming. De ongeverfde weefsels met hun natuurlijke
(licht-beige) kleur werden er onder invloed van zwaveldampen
gebleekt tot helder-wit. Het wolwashuisje werd omgedoopt tot
"solferkotteke".
(tekst:
Gemeente Mol)
Eens je A en B hebt is de formule
naar de stash N51° 11.0(A-19) E005° 07.(514-B)-A . Dus start de wandeling bij
gedicht 1 en vervolg je weg tot gedicht 6, enkel bij gedicht 2 en
gedicht 6 dien je een vraag op te lossen. Succes!