Sous le Second Empire, c'est à la compagnie
Belge des Chemins de Fer de Flandre-Occidentale que fut accordée la
concession de la section ferroviaire d'Hazebrouck à la frontière
belge. Cette ligne a été mise en service au début de l'été 1870,
quelques mois à peine avant que la déclaration de guerre
franco-prussienne ne contraigne à l'évacuer. Elle fut incorporée
aux chemins de fer de l’État Belge en 1906 à l'occasion de la
fusion de la compagnie de Flandre-Occidentale au réseau national
Belge.
Avant 1914, cinq omnibus parcourent la ligne chaque jour,
remorqués par des locomotives du dépôt Belge d'Ypres. En 1915,
alors que la Flandre-Occidentale est la dernière portion du
territoire Belge non envahie, les forces Britanniques mettent cet
itinéraire à double voie entre Hazebrouck et Ypres pour renforcer
depuis la France les liaisons avec l'armée du Roi Albert 1er et ses
alliés.
Une convention signée le 16 novembre 1942 entre la France et la
Belgique attribue à la SNCF l'exploitation de la section en
territoire Français. Le trafic se réduisant d'année en année, la
ligne fut fermée en septembre 1970. L'emplacement des voies fut
transformé en un chemin de randonnée.
Ten tijde van het Franse "Tweede Rijk"
(1852-1870) kreeg de West-Vlaamse spoorwegmaatschappij de concessie
over het spoorgedeelte tussen Hazebroek en de Belgische grens. De
lijn werd in het begin van de zomer 1870 geopend, slechts enkele
maanden voor het uitbreken van de Frans-Duitse oorlog, met als
gevolg dat de lijn werd stilgelegd. In 1906 werd de West-Vlaamse
spoorwegmaatschappij opgenomen in het Belgische spoorwegnetwerk en
zodoende kwam de lijn in handen van de Belgische
Staatsspoorwegen.
Voor 1914 reden er dagelijks vijf treinstellen die werden
getrokken door locomotieven uit het depot in Ieper. Om de aanvoer
naar het leger van Koning Albert 1 en de geallieerden vanuit
Frankrijk via het laatste onbezette deel van West-Vlaanderen te
verbeteren, werd in 1915 het traject tussen Hazebroek en Ieper door
het Britse leger tweesporig gemaakt.
Op 16 november 1942 werd tussen Frankrijk en België een verdrag
ondertekend waarbij de Franse spoorwegen de exploitatie van het
traject op Frans grondgebied overnam. In 1970 werd de lijn, na
jarenlange teruggang in het treinverkeer, opgeheven. Het spoortracé
werd omgevormd tot wandelroute.