
Het oude raadhuis
Het stadhuis staat op de plaats waar sinds de 14e eeuw een
raadhuis en lombard (geldwisselkantoor voor kooplieden) stonden. In
1530 is Culemborg een flinke stad geworden met 3.500 inwoners.
Steeds meer kooplui, ambachtslui, boeren en vissers vestigen zich
in de stad. De vele markten zorgen voor een hoge bedrijvigheid
waardoor een groter stadhuis passender is.
Opdracht voor het nieuwe stadhuis
In 1534 wordt er opdracht gegeven voor een nieuw stadhuis van
Culemborg wat in 1540 wordt voltooid. Opdrachtgevers waren Antonois
van Lailang en zijn echtgenote Elisabeth van Culemborg. Het moet
symbool staan voor de hoge status van de opdrachtgevers. Boven de
toegangsdeuren staan de initialen van de opdrachtgevers, het
jaartal 1534 en de lijfspreuk van Antonis: ‘Ignis omnia
consummabit’. Oftewel, ‘het vuur zal alles
voltooien’. De architect van het stadhuis is Rombout II
Keldermans. Persoonlijk architect van Karel V en onder andere
ontwerper van kasteel het Vredenburg in Utrecht.
Vanaf de hardstenen trap met de vier leeuwtjes worden de
besluiten van het stadsbestuur omgeroepen, meestal op marktdagen.
De mededelingen werden aangekondigd door het luiden van een klokje.
Het klokje bevindt zich sinds 1540 in het daktorentje en hangt er
nog altijd.De schepenen spreken ook recht in de burgerzaal van het
stadhuis. De onderste vensters hebben wel luiken maar geen ramen,
zodat de burgers mee konden luisteren. De veroordeelde kon
bijvoorbeeld als straf ‘aan de kaak worden gesteld’.
Deze kaak is nog steeds te zien aan de rechterkant van de gevel.
Onder de trap bevindt zich een kelder die eeuwen lang dienst heeft
gedaan als vleeshal.
Huidige functie
Het gemeentebestuur zit niet meer in het stadhuis, maar in een
nieuwbouwpand even verderop. Het stadhuis doet onder andere dienst
als trouwzaal en expositieruimte. Momenteel wordt het stadhuis
gerestaureerd en aan de achterzijde uitgebreid.
U kunt gratis parkeren op N51.57.620 E005.13.480. Deze nano zal
een uitdaging zijn i.v.m. dreuzels!