De middeleeuwse volksvroomheid heeft het bronwater een wonderbare kracht toegedient. Het zou met name de kwade koorts genezen, de tandpijn verzachten en de angstige kinderen rust bezorgen. Tot de tweede wereldoorlog bezochten vele bedevaarders de bron en de kapel op de heuvel. Zij liepen driemaal rond het gebouw of rond het altaar. Onder een losliggende arduinen steen namen zij wat aarde om het te mengen in het voedsel van de zieken of in te nemen met het bronwater. Daarna is de toeloop erg verminderd. Het water is jarenlang gebruikt bij de witloofteelt. Wonderlijk- of misschien niet? – het loof uit de Veronewijk was altijd prima.
De legende vertelt dat Verona, Duitse keizerin en abdis, en dus een heilige vrouw, op weg naar het graf van haar broer te Lembeek aan de Heilige Kruiskerk halt hield. Twee dorstige Duitse pelgrims op doorreis vroegen hun keizerin om water. De heilige liet voor hen de bron ontspringen door eenvoudig haar staf in de grond te steken. De legende is schriftelijk vastgelegd rond het jaar 1500, maar is duidelijk al veel vroeger verteld.
Een gebouwtje beschermd sinds eeuwen de wonderlijke bron. Het huidige monumentje uit 1957 vervangt een ander, dat in 1871 was gemetseld als een lief veldkapelletje. Maar ook dit laatste was al een herbouw. Op een tekening uit het album van Karel van Croij uit 1596 komt al een bouwsel voor. De bron leverde toen meer water dan nu. Het liep langs een sloot naar de nabije Voer.
Op de coördinaten vind je de bron van St. Verona. Het jaartal dat je daar vindt noem je GHIJ.
A= G + 2
B= J + 3
C= H + G
D= I - J
E= H
F= I - G - J
Je vind de cache op N50°51.ABC E004°36.DEF.