CACHE GEMAAL WILLEM ALEXANDER.
Strandwallen en veenkussens.
In de vroege middeleeuwen rond het jaar 800 zag dit land, waar deze cache ligt, er heel anders uit. Duinenrijen, strandwallen langs riviertjes. Langs de riviertjes was het hoog en droog dus hier konden de mensen goed wonen, hier ontstonden dan ook nederzettingen. Op de zandgrond hadden ze akkers en op de drassige gedeeltes kon het vee grazen. Achter de strandwallen lagen grote hoge veenkussens, sommige hoger dan 4 meter boven N.A.P. Regenwater stroomde van deze veenkussens en er ontstonden stroompjes en meertjes. Op het veen konden de mensen niet goed wonen of groente verbouwen. Vanaf de 8eeeuw zijn de mensen begonnen met sloten te graven om het veen en de oeverwallen droger te maken. Het veen veranderde langzaam in weiland, hierdoor zakte het land ook, soms wel 2 centimeter per jaar. Het land werd hierdoor weer natter en akkerbouw was niet meer mogelijk.
De eigenaren van het lager gelegen land moesten zich gaan beschermen tegen het water en ook het buitenwater, er kwamen kaden en sluisjes. De ontginning was een polder geworden. Uiteindelijk werd het buitenwater een dusdanige bedreiging dat er dijken gebouwd moesten worden. Door grote stormvloeden kwamen er doorbraken in de strandwallenkust, sommige gedeeltes land kwamen in open verbinding te staan met de Noordzee. Meertjes werden meren en stroompjes werden rivieren. Steeds meer land ontginningen werden opgeslokt door het zeewater. Steeds meer grote dijken werden er gebouwd. Toen het Schermereiland in 1357 toestemming kreeg om het gebied te bedijken ontstond de Eilandspolder. In de tweede helft van de 13eeeuw is men begonnen met de verschillende zeegaten af te sluiten met dammen. Omdat het land bleef zakken bleven de meren ontstaan. Pas in de 16eeeuw en 17eeeuw, met het droogleggen van de meren, werd de dreiging van het zeewater afgewend.
Droogmaken met wind.
In de 16e, 17een 18e eeuw werd dit land droog gemaakt en gehouden met windmolens, het gebied wat je ziet achter het oude en nieuwe gemaal werd bemalen door wel 52 molens. In de periode tussen 1633 en 1929 maalden 52 molens in vier etappes de polder droog richting de ringvaart. Op de dijk voor de gemalen stonden elf molens, door brand en sloopwoede is er jammer genoeg niets meer van over. Een van de laatste molens die de Eilandspolder droog maalde is molen de Havik. Deze achtkantige binnenkruier is gebouwd rond 1567. Toen deze molen overbodig werd door de stoomgemalen, is de molen in 1861 verplaatst naar de noordwesthoek van de polder.
Leeghwater.
Jan Adriaanszoon Leeghwater was de zoon van een timmerman uit de Rijp. Leeghwater wordt gezien als de uitvinder van de specifieke bovenkruier molen. Boven kruier molens zijn molens waarbij het kruiwerk (de bovenkap) met wieken afzonderlijk van de rest van de molen op de wind gedraaid kan worden. Leeghwater is bekend door zijn werk aan de grote droogmakerijen, het waren niet echt Leeghwaters plannen. De eerste grote droogmakerijen waren afkomstig van rijke Amsterdamse kooplieden, Leeghwater werd door zijn grote kennis van molens samen met een aantal andere aangesteld als opzichter en aannemer. Een standbeeld van Leeghwater staat in het dorp Middenbeemster.
Droogmaken met stoom en elektra
De Alkmaarse gebroeders de Wit (Willem-Christiaan en Klaas) verhuisden van Alkmaar naar Amsterdam en werden ingenieur. Rond 1870 besloten zij samen een ingenieursbureau op te richten. Het bureau specialiseerde zich in de bouw van stoomgemalen. Ingenieursbureau de Wit zorgde voor de plaatsing van 129 stoomgemalen in Noord en Zuid-holland. Het oude stoomgemaal De vier Noorderkoggen uit het jaar 1869 in Medemblik en het stoomgemaal Halfweg uit 1852 zijn mooie voorbeelden uit het stoomtijdperk. Na het overlijden van de gebroeders de Wit bleef het bureau bestaan en rond 1920 stapte het bureau over op het ontwerpen van elektrische aangedreven gemalen. Ook in die tijd ontwikkelde ingenieursbureau de Wit het plan voor de elektrische bemaling van de Schermer.
Gemaal Juliana
In 1928 wordt gestart met de bouw van elektrisch gemaal Juliana, het is gereed en wordt in gebruik gesteld in 1930, ontworpen door ingenieursbureau de Wit. Gemaal Juliana vervangt 16 watermolens die in dit deel van de Schermer staan. De molens hebben 300 jaar hun werk gedaan.
Gemaal Willem Alexander
Na 60 jaar trouwe dienst komt ook voor gemaal Juliana het einde in zicht. In 1998 wordt het vervangen door het computer gestuurde moderne elektrische gemaal Willem Alexander. Het is, toen nog Kroon Prins Willem Alexander, die in 1998 gevraagd wordt de Schermer te bezoeken en het nieuwe gemaal officieel in gebruik te stellen. In het jaar 2000 wordt het gemaal Juliana verbouwd tot woonhuis wat het tot op heden nog steeds is.
Let op het Gemaal Juliana is nu een woonhuis, het woonhuis en erf is van de bewoners van het voormalige gemaal Juliana. Zij stellen hun privacy op prijs, gaat u dus niet zoeken op privéterrein en blijf bij de waypoints.
Veel plezier met deze cache.