Wapperende was op het boerenerf
De laatste jaren werd het erf steeds minder functioneel en verdwenen de karakteristieke elementen.
Gelukkig is er een kerende beweging, het besef van schoonheid in harmonie tussen erf , landschap en boerderij groeit.
De moestuin komt weer terug, oude rassen van fruitbomen worden opnieuw aangeplant en dahlia's krijgen weer waardering.
Vroeger was het wassen Eén van de taken van de boerin. Het was zwaar werk. Er moest water uit de regenput of sloot gehaald worden. Het water ging in een houten tobbe of zinken teil, dan een nacht in sodawater in de week om daarna met groene zeep in een kookpot gekookt te worden. Op een wasbord of plank met borstel werd alles stevig geboend. De witte was kwam op de bleek te liggen. De bonte was met rode zakdoeken, hemden, wollen borstrokken,tafelgoed, theedoeken en dweilen, kwam aan de waslijn te hangen als het goed weer was of werd op en droogrek gelegd.
Dus benut een winderige plek opzij van het erf voor de waslijn. De smid uit het dorp maakt een paar stevige palen met een grondanker en bovenaan een dwarsijzer met gaten om de lijnen aan te knopen. Je zag vroeger veel hoge lijnen. Zonder wasgoed eraan hangen ze laag en als de lijn vol is wordt er een stok onder gezet die het geheel optilt.
De was aan de waslijn op het erf is nog steeds een mooi gezicht. Het hoort op een erf waar aandacht is voor harmonie tussen boerderij, erf en landschap.
De wind en zon is de manier om wasgoed goedkoop en energiezuinig droog te krijgen.
Marga Kool in: een kleine wereld
"het nate, schoongespoelde goed werd aan
de waslijn gehangen, weer of geen weer.
In de zomer kon je stiekem je gezicht in de lakens drukken.
Die roken naar hooi en bloemen en naar witte
wolken in blauwe lucht
's Winters roken ze naar regenvlagen en
sneeuw, naar onze eierkolen en de turf
en het hout dat de buren in de kachel stookten......"