
In veertienhonderd vierennegentig werd deze klimlinde geplant;
trotseerde eeuwenlang de stormen ten midden van moerassig land.
Hij was een goed herkenningspunt
vijfhonderd en elf schoone jaren,
hij heeft veel wandelaars wat rust gegund:
den bevenden hazelare.
Van Kleef zijn zoon ligt hier begraven
wordt in een straf verhaal verteld.
Hij werd op den Oostmoer per ongeluk,
door een paar heethoofden geveld.
men begroef hem hier in een kist van lood;
het kan beven van den boom verklaren
maar het bleef altijd een mysterie groot
van den bevenden hazelare
Den grote grijsaard met zijn prachtige kruin,
werd spijtig genoeg van binnen langzaam rot.
Maar ergens in een meetjeslandse tuin
werd van den ouden een takje gespaard,
o Heere God
Er werd 'nen nieuwen boom geplant!
En s'avonds in het schemerduister
brand er een keersken aan den boom
ter ere van Maria's luister,
ontstoken door een ziel heel vroom.