De leeuw staat zwaar en loom op het plaveisel van "Bellesteijn". Direct op de stenen. Hij is groot en krachtig, maar door de ontspannen houding van het dier, kop naar beneden, staart op de grond en doorgezakt in de flanken verliest de leeuw zijn agressieve uitstraling. Het dier is zacht en aanraakbaar geworden.
Claassen geeft met zijn dierfiguren de essentie weer. Hij zegt zelf dat hij bij het vormingsproces zo snel mogelijk bij de meest archetypische vorm van het dier wil uitkomen. Hij komt dan snel bij een ronde en volle vorm uit. Het geeft hem ook de mogelijkheid accenten te verschuiven in de compositie van de dierfiguren zodat er een extra spanning ontstaat. De proportie en de verhoudingen verliest hij daarbij nooit uit het oog.
Omdat de nano vaak verdween ligt de cache nu op een andere plek. Wel dicht bij het coördinaat.