Deze, ongeveer 6 km lange, multi leidt je langs minder bekende paadjes in 's-Gravenwezel.
Alle paadjes zijn verhard, maar autovrij.
Op sommige WP's zoek je naar tags of aanwijzingen die je uiteindijk naar de stash zullen leiden.
De cache bevindt zich op N51° 16.ABC E 004°33.DEF
Veel cacheplezier !!!
De geschiedenis van deze paadjes werd destijds als volgt opgetekend door wijlen Fr. Ghys (heemkundige kring De drie Rozen):
“Een zeer oude straat is de KETELSTRAAT. Die lag vroeger rechtover het Catersstraatje op de Sint-Jobsteenweg. Wegens bouwwerken is deze verlegd naast de eigendom van Baron Van de Put. De Ketelstraat loopt verder naast de Hofbeek en de kwekerij. Dat was een soort Arboretum waar vroeger de planten gekweekt werden voor de parken der kastelen. De Ketelstraat loopt verder door een sprookjesachtige omgeving, tenminste voor hen die houden van groen, wilde natuur en schoonheid. Spijtig loopt de Ketelstraat ten einde aan de Anti-tankgracht. Men mag en kan niet verder. Verboden terrein ! Vroeger liep de Ketelstraat verder tot aan de zeven kilometer lange Mathildedreef. We verlaten de streek van het IJzermaal dat zich hier veel in de grond bevindt en keren terug tot het begin van de Ketelstraat. Schuins daarover zien we één der schoonste, maar helaas door paardenhoeven in een modderpoel herschapen, straatjes van Wezel.
Het KATERSSTRAATJE. Dit leidt ons dwars door het park van het domein «De Caters» tot aan de Moerstraat. De echte benaming van dit straatje is feitelijk : Oudaenstraat. Het park waardoor het straatje loopt bezit vele oude bomen. De gracht die het domein omringt was vroeger voorzien van sluizen om de waterstand te regelen. Komende van de St.- Jobsteenweg het rechtergedeelte van het park -De Warande. Vroeger was dit een prachtig park met vele standbeelden, dat deed denken aan een lang verleden. Thans is dit parkgedeelte erg verwilderd maar behoudt ziin charme als natuurschoon. Wie de moed heeft dit straatje te betreden, zal het zich niet beklagen. Doe echter goede botten aan, want de ruiters hebben het pad volledig stuk gereden. Hopelijk komt er eerstdaags verandering in, en zullen ruiters en voetgangers elk een deel der straat voor zich hebben. Kenmerkend nog voor dat stukje natuur is het geritsel van het eekhoorntjes in de boomkruinen terwijl kauwen en ander gevogelte wat leven brengen in de natuur. Bij wintertij komt soms een ree u even groeten.
Hebt u al horen spreken van de IJZERMAALSTEENWEG ? Deze begint naast het rusthuis. Vroeger werd hierover reeds gesproken. De grond bevat veel ijzermaal. De steenweg was omgeven door een 4 meter hoge haag en liep door het park van Baron de Caters. Over deze weg wandelde tweemaal 's jaars de processie. Heemkundige, vriend wandelaar, toerist, u weet nu reeds iets af van onze vele servitudewegen. Maak er gebruik van. Het is leerrijk, verpozend en brengt u op prachtige landelijke plekjes.
Nemen we nu het ZEVENBUNDERSTRAATJE, gelegen in de Moerstraat voorbij de hoeve De Schrans, links. Dit straatje komt uit op het Zevenbunder dat gelegen is over de Wouwerse beek. De velden daar hebben een oppervlakte van 7 bunders of 100 vierkante roeden, hetzij 1 hectare per bunder. Het straatje eindigt op de Wouwersstraat. Bij het begin van het Zevenbunderstraatje aan de Moerstraat heet het Bakkers Velleken (Veldeken) of het land van Karel Mot, die daar vroeger verschillende langoren een kopje kleiner heeft gemaakt. Volg dit mooie straatje en dan komt u aan de Kapel-aard waar één der vele kapellekes tegen een eik prijkte. Links op den hogen Desselhoek (streekbenaming) had u vroeger de beruchte loopgraven van onze soldaten (1914-1918). We wandelen de Wouwerse beek over (één van de 29 waterlopen die ons grondgebied doorsnijden) en gaan dan door het Zevenbunderweidepad waar u aan de Wouwerstraat komt.
We nemen nu het KWIKAARDSTRAATJE welke in het Zevenbunderstraatje zijn begin heeft, namelijk rechts achter het Spaans Aardeken. Daar liggen drie vijvers bij elkaar. Het Spaans Aardeken zou zijn naam ontlenen aan het Spaans Tijdperk en gediend hebben voor viskwekerijen. Het zuivere water kwam daarin van de toen nog brede Moerbeek. Men noemt die streek achter en naast de vijvers de Heiheuvel en er stond vroeger een woning op Simonekensberg. Deze heuvel kwam voort van de uitgravingen van de visputten. Dit huisje deed dienst als herbergske en werd uitgebaat door Van der Beuren Carolus (geboren in Wijnegem in 1829) en zijn vrouw Laureysens Catharina (geboren in Halle). Er kwamen boeren, boswachters, stropers en landlopers, en te midden van bossen en weiden maakten de uitbaters goede zaken. De laatste bewoner van dit huisje was een boswachter die Simon heette. We wandelen verder door dit zeer toeristische straatje en passeren de Kwikaardse velden en de Kwekerijen, eigendom van de Godshuizen van Antwerpen. Vroeger werden in de Kwekerijen allerlei planten gekweekt, maar stilaan overwon de wilde natuur en was het een ideale kweekplaats voor allerlei wild en gevogelte. We wandelen nu door de streek genaamd het Hoeveken en Scherensteens Bos ; het straatje is thans omgeven door allerlei schaarhout en loopt ten einde op de Cauwenberghbeemdweg, welke begint achter de Redoute en eindigt in de Moerstraat. Langs de Cauwenberghbeemdweg ligt de streek van Strijpen, eertijds een geweldig bos met zeer hoge masten, doortrokken met diepe greppels welke als lange strepen (strijpen) de grond verdeelden. De Cauwenberghbeemdweg kreeg zijn naam omdat de eigenaars van de hoeve Cauwenbergh te Sint-Job (één der oudste hoeven der gemeente : 1553) langs die weg beemden huurden. Zij lieten daar hun beesten grazen en maaiden het gras dat als hooi diende. De weg mondt uit in de Moerstraat aan de zogenaamde «Plas», dit was een laagte in de Moerbeek, een soort voort, uitgehold door het vee dat naar de weiden liep.
Dit brengt ons onmiddellijk in de KROMMEDREEF, zo genoemd door de vele bochten. Aan de rechterzijde passeren we de streek de kwade aard, waar eertijds het hoeveke van de kwade aard stond. Dit verdween in 1914 omdat het in het schietveld lag van de fortengordel. Vroeger sprak men van kwade hand en kwade aard omdat er daar onder het vee en de mensen allerlei ziekten uitbraken. Wie er woonde bleef er niet lang uit schrik voor toverij en heksen. Laatste bewoners : Louis Van Sande (geboren Oelegem 24.12.1853, overleden Schilde 25.10.1921) en zijn vrouw Maria Leemans, aldaar overleden.”