Inleiding
Op 22 augustus 2013 had ik op het coördinaat 51 50.016, 005 53.149 een vraagteken geplaatst. Inmiddels is deze rotonde omgetoverd tot een mooi kunstwerk. De mystery hield in dat je een puzzel over spreekwoorden moest oplossen. Per 1 juli 2015 wordt deze cache omgezet naar een traditional en wordt de mystery (GC4KEQ7) gearchiveerd. De locatie en de verstopmethode van de cache blijft gehandhaafd, dus geocachers die deze cache al eerder hebben gelogd, hebben toestemming om de cache opnieuw te loggen. Het logboekje blijft in de cache. Dankjewel voor jullie eerdere bezoek!
Wat zijn spreekwoorden?
Spreekwoorden zijn opmerkelijke verschijningen in onze taal. In een gesprek dat in de verste verte niets met schapen te maken heeft, kan iemand opmerken: als er één schaap over de dam is, volgen er meer en niemand zal hem of haar meewarig aanstaren en denken dat hij of zij een klap van de molenwiek heeft gehad. Maar wat is een spreekwoord eigenlijk? En is dat hetzelfde als een uitdrukking?
Spreekwoorden zijn levenswijsheden die op een bijzondere manier gepresenteerd worden. Hoewel spreekwoorden en uitdrukkingen vaak op één hoop worden gegooid, zijn spreekwoorden gemakkelijk te onderscheiden. Kenmerkend voor een spreekwoord is de onveranderlijkheid van de formulering en de woordkeus: zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens. Het is een uitspraak met een algemene waarheid of een bevestiging van de orde der dingen: zo gaat het nu eenmaal in de wereld. Een spreekwoord heeft altijd de vorm van een mededelingszin (het is bijvoorbeeld geen vraag) met de persoonsvorm in de tegenwoordige tijd (als er een persoonsvorm aanwezig is). Je zult nooit dit spreekwoord in deze vorm aantreffen: Wie de bal kaatste, moest hem terug verwachten. Een spreekwoord kan echter ook een zin zijn zonder werkwoord. Denk maar aan het spreekwoord: Oost west, thuis best. Het werkwoord is in gedachten wel aanwezig: Oost west, thuis is het het best. Hoewel een spreekwoord in principe een vaste zin is, zul je merken dat persoonsvormen als ‘men’ en ‘hij’ soms met elkaar verwisseld worden, waarbij ‘men’ meestal de correcte wijze van het spreekwoord is.
Een spreekwoord wijkt af van een gezegde. Een gezegde bevat nooit een werkwoord, want dit is geen complete zin. Een gezegde is een vaste verbinding van woorden met een figuurlijke betekenis. Hierbij kun je denken aan: met huid en haar.
Wat maakt een uitdrukking anders dan een spreekwoord? Volgens de grote Van Dale is een uitdrukking een "vaste, idiomatische verbinding van woorden, met een figuurlijke of metonymische betekenis”. In de praktijk wordt een uitdrukking als een soort algemeen, overkoepelend begrip gebruikt voor alle vaste verbindingen met een figuurlijke betekenis. Uitdrukkingen moet je dus vooral niet letterlijk nemen. Bij uitdrukkingen kunnen het onderwerp en de werkwoordvorm wel aangepast worden. Zo kun je zeggen dat hij hoog van de toren heeft geblazen, maar ook dat zij hoog van de toren zullen blazen.
Zoek de spreekwoorden
Wil je toch nog even puzzelen? Zoek dan bij de onderste drie plaatjes de bijbehorende spreekwoorden. De spreekwoorden die in de plaatjes zijn verwerkt, passen op de lijntjes. De antwoorden controleren? Gebruik dan even ROT13.
Plaatje 1:
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
De antwoorden van plaatje 1:
Qnne xennvg trra unna anne
Nyf gjrr ubaqra irpugra bz rra orra, ybbcg qr qreqr rezrr urra
Oynssraqr ubaqra ovwgra avrg
Plaatje 2:
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _
De antwoorden van plaatje 2:
Zra zbrg rra trtrira cnneq avrg va qr orx xvwxra
Urg cnneq npugre qr jntra fcnaara
Mb gebgf nyf rra cnhj
Urg orfgr cnneq fgehvxryg jry rraf
Plaatje 3:
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
_ _ _ _ _ _ _ _
De antwoorden van plaatje 3:
Urg inexragwr jnffra
Nyf rra ivf va urg jngre
Orgre rra ibtry va qr unaq, qna gvra va qr yhpug
Ryx ibtrygwr mvatg mbnyf urg trorxg vf