Deze oude toren is de westertoren van de voormalige Sint-Jan-de-Doperkerk. Het is het enige overblijfsel van de eerste kerk van Schulen. Deze werd in de vijftiende eeuw in natuursteen (ijzerzandsteen, arduin en mergelsteen) en in baksteen gebouwd. Aan de achterkant van deze toren kan men nog heel duidelijk de daklijn van de oorspronkelijke kapel zien. Deze kapel deed dienst als parochiekerk tot omstreeks 1709-1710. De kapel was een 15-tal meter lang en 7,5 meter breed.
Door de eeuwen heen heeft deze kerk steeds af te rekenen gehad met vochtproblemen. Al in de eerste helft van de zestiende eeuw klaagden de parochianen van Schulen in een schrijven aan Willem II Van der Marck de Lumey (een vrij berucht heerschap, de bevelhebber van de watergeuzen) dat het schip van hun kerk in zeer slechte staat verkeerde. Op 2 juni 1619 beloofden de kerkelijke overheden een grondige restauratie van de kerk maar het bleef bij beloften. Teneinde raad legden de Schulenaren beslag op de tienden (de belastingen van toen) om hun kerk te renoveren. Ze werden hierbij gesteund door pastoor Jacobus Henrici. Deze actie was duidelijk in het verkeerde keelgat geschoten van de Prins-bisschop van Luik en zijn gevolg. De pastoor werd ontslaan als pastoor van Schulen en zijn meubelen werden publiekelijk verkocht om de geleden schade te vergoeden.
Dat de Schulenaren koppige mensen zijn, hebben ze echter geweten in Luik. In 1709 leggen ze weerom beslag op de tienden om hun kerk te herstellen. Dit maal dreigde de Prins-bisschop om de hele parochie te verbannen uit de “Heilige Kerk”. Als antwoord hierop riepen de Schulenaren in 1710 de hulp in van “de Koning in zijne Souvereine Staat van Brabant”. Schulen was in die dagen een vrijdorp binnen de Heerlijkheid Lummen. Lummen behoorde toen voor drie kwart tot het Land van Loon (met als staatshoofd de Prins-bisschop van Luik) en één kwart tot Brabant (met als staatshoofd de Hertog van Brabant). Alhoewel Schulen 100% Loons was, hoopten de Schulenaren dat het politieke gebekvecht tussen de twee staatshoofden (die elkaar niet zo genegen waren) hun kerk zou redden. De kanunniken van het O.L.V.-kapittel van Maastricht begonnen, onder druk van de Prins-bisschop, de kerk dan terug op te bouwen. Aan grote luxe moesten de Schulenaren zich niet verwachten. Daar waren ze te koppig voor geweest. De “nieuwe” kerk werd zo goedkoop mogelijk gebouwd.
De protestbrief van de parochianen van Schulen van 20 maart 1711 meldde: “Als dat de kercke van Schuelen , onlanckx door de Eerw. Heeren van ’t Capittel van Onse Lieve Vr. tot Maestricht gemaeckt oft gerepareert, is veel slechter oft onbehoorlijcker gemaeckt als sij te voren is geweest, aangesien aen de selve kercke niet en is een portael noch gheenen trap om op te kunnen naer den thoren oft klocken, welck portael oft trap van de voren geweest hebben ende door de wercklieden van de Heeren vant Capittel als wanneer sij de kercke hebben afgebroken oock tsamen rondt de kercke afgebrocken sijn.
In januari 1784 werd door de heren van het kapittel een aanvang gemaakt met het vergroten van de kerk. Dit echter zonder iets aan de gebrekkige toestand van het gebouw te doen. Het schip werd 5 meter verlengd, een koor (45 m²) en twee zijbeuken werden bijgebouwd.
In de jaren 1930 is de toestand van het gebouw zo zorgwekkend dat de toenmalige pastoor (Willem Theelen) besluit om de kerk nogmaals te restaureren. Zijn opvolger (Mathieu Heeser) zag geen heil meer in de zoveelste reparatie van het onderkomen gebouw. Hij begon campagne te voeren voor de bouw van een nieuwe kerk (op drogere grond) en verzamelde voldoende fondsen in om in zijn opzet te slagen. Begin 1938 begon men met de afbraak van de oude kerk. Het puin hiervan moest als fundament voor de nieuwe kerk dienen. Enkel de toren bleef staan.
Op 3 juni 1950 wordt de toren erkend als beschermd monument omwille van zijn geschiedkundige waarde. Vervolgens werd de torenspits in 1957 mooi terug opgemaakt. Toen deze werkzaamheden bijna voltooid werden brandde de torenspits in de nacht van 1 op 2 juli van dat jaar volledig af. Sindsdien staat de toren erbij zoals we deze nu kennen.
Deze foto werd vanop de toren genomen in 1954. Waar nu de parking is, was vroeger het oude kerkhof met een “doodsbeenderenhuisje”. Links hiervan zie je het wegje dat nu nog steeds naar de Kerkstraat loopt en aan de schoolpoort uitkomt. Boven het dak van de school kan je het oude gemeentehuis van Schulen zien.