Skip to content

10 voor taal #2 Mystery Cache

This cache has been archived.

Dulkie68: Het logboek is inderdaad doorweekt. Een prima gelegenheid om ook van deze 10 voor taal afscheid te nemen. Bedankt voor uw bezoek.

More
Hidden : 10/1/2016
Difficulty:
2 out of 5
Terrain:
1.5 out of 5

Size: Size:   micro (micro)

Join now to view geocache location details. It's free!

Watch

How Geocaching Works

Please note Use of geocaching.com services is subject to the terms and conditions in our disclaimer.

Geocache Description:


Dit is een mystery cache. Op de coördinaten bovenaan de listing is niets te vinden. Los de puzzel op!

Voor de meesten van ons lijkt het misschien al eeuwen geleden, maar op de middelbare school hebben we het allemaal geleerd: zinnen ontleden. Niemand vond het echt leuk of wist waar het eigenlijk goed voor was, maar je kreeg er een cijfer voor en dus deed je het. Maar hoe ging het ook alweer precies?

Wees gerust: deze puzzel behandelt zo ongeveer de eerste les in zinsontleding uit die tijd. Geen ellenlange of onlogische zinnen, geen bijzinnen en geen instinkers. Als u even de moeite neemt om de handigheidjes hieronder te lezen valt het waarschijnlijk reuze mee.

Persoonsvorm
In een zin zit altijd maar één persoonsvorm. De persoonsvorm van een zin is altijd een werkwoord. Werkwoorden zijn dingen die je kunt doen; fietsen, lopen, spelen, kruipen, klappen, slapen, enz. Als je de persoonsvorm van een zin weet kun je ook de andere zinsdelen benoemen.

Tip: Om de persoonsvorm te bepalen zet je de zin in een andere tijd. Het werkwoord dat verandert is de persoonsvorm.
Bijvoorbeeld: van de zin 'Pieter heeft Anna gisteren nog gezien' maak je 'Pieter had Anna gisteren nog gezien'. De persoonsvorm is dus 'heeft'.

Onderwerp
Het onderwerp van een zin hangt samen met de persoonsvorm. Een zin geeft weer wat er met het onderwerp aan de hand is, wat het onderwerp overkomt of doet. In een zin (zonder bijzinnen) zit altijd maar één onderwerp. Het onderwerp van een zin kan uit meerdere woorden bestaan.

Tip: om het onderwerp te bepalen maak je van de zin een vraag met 'wie/wat + persoonsvorm'
Bijvoorbeeld: voor de zin 'Pieter heeft Anna gisteren nog gezien' stel je de vraag: Wie/wat heeft gezien? Het onderwerp is dus ‘Pieter’.

Lijdend Voorwerp
Het lijdend voorwerp is degene die of datgene wat de werking van het gezegde direct ondergaat. Het hangt samen met het onderwerp en het gezegde in de zin. Niet iedere zin heeft een lijdend voorwerp.

Tip: om het lijdend voorwerp te bepalen maak je van een zin een vraag met 'wie/wat + gezegde + onderwerp'.
Bijvoorbeeld: voor de zin 'Pieter heeft Anna gisteren nog gezien' stel je de vraag: Wie/wat heeft Pieter gezien? Het lijdend voorwerp is dus ‘Anna’.

Nog even in het kort:
Persoonsvorm: zoek het werkwoord dat verandert als je de zin in een andere tijd zet.
Onderwerp: vraag wie/wat + persoonsvorm. Wie is, wat heeft, wie loopt, enz.
Lijdend voorwerp: vraag wie/wat + gezegde + onderwerp. Wie heeft Pieter gezien? Wat ving de kat?

De opdracht:
In de 18 zinnen hieronder is de persoonsvorm (P), het onderwerp (O) of het lijdend voorwerp (L) onderstreept. Aan u de taak om ze te benoemen, te tellen en de uitkomst volgens onderstaande formule te verwerken tot een coördinaat.

1. Ik sloeg de spijker op de kop.
2. Borden vind je in het bovenste kastje.
3. Vanmorgen ving onze kat zowaar een muis!
4. Wij hebben in het tuincentrum veel planten gekocht.
5. Ze waarschuwden hem ruim op tijd.
6. De jongens gooiden sneeuwballen naar passerende auto's.
7. Door dat ongeval werd de auto zwaar beschadigd.
8. Na het sporten eet Jan het liefst een banaan.
9. De nieuwe bewoner heeft op zolder een schilderij gevonden.
10. Door de storm waaiden de pannen van het dak.
11. Mijn vriendin heeft haar buren al een maand niet gezien.
12. Na de voorstelling bleven we nog even hangen.
13. September was dit jaar erg warm.
14. Morgen speelt Feyenoord thuis tegen Sparta.
15. Razend gooide de leraar een krijtje door de klas.
16. Door mijn schuld is het bad overgelopen.
17. Gisteren heeft Jeffrey bij de garage een nieuwe auto gekocht.
18. De politie moet echt meer op straat surveilleren.

De cache bevindt zich op N51°53.LPO E004°09.OLP

Additional Hints (Decrypt)

[NL] Bzqng qr pnpur rra cnne xrre trevcg vf uro vx urz rra nnagny zrgref irecynngfg. Uvw yvtg ah ynnt ovw qr erpugfr ina qr qevr. [EN] Ybj ng gur zbfg evtug bar.

Decryption Key

A|B|C|D|E|F|G|H|I|J|K|L|M
-------------------------
N|O|P|Q|R|S|T|U|V|W|X|Y|Z

(letter above equals below, and vice versa)