Deze geocache maakt onderdeel uit van een serie geocaches en is een ode aan de gestorven artiesten over wie deze cache(s) gaan. De serie caches wordt op onregelmatige momenten online gebracht. Een aantal van u heeft dat al ervaren. Dit heeft alles met tijd te maken. Ook de nodige toestemmingen voor het plaatsen van de caches moet goed geregeld worden. Het kan zijn dat u in de container een code tegenkomt. Noteert u deze goed want die heeft u later nodig om de Bonuscache te kunnen vinden.
We proberen Het voor u zo leuk mogelijk te maken. In de logs van deze serie lazen wij al dat niet iedereen even enthousiast was van de verstopplek. Daar zullen we naar kijken en ze zo mogelijk gaan verplaatsen. Voor de bonuscache hoeft u niet bang te zijn dat u dan de verkeerde coördinaten heeft. Daar houden we rekening mee.
Het ontstaan van de club van 27
Toen Brian Jones, Jimi Hendrix, Janis Joplin en Jim Morisson in 1970 allemaal op 27-jarige leeftijd in korte tijd na elkaar overleden, werd voor het eerst het verband gelegd. In 1994 werd de club ook werkelijk gevormd na het overlijden van Kurt Cobain van Nirvana. Trots of jaloers hoef je niet te zijn op de artiesten die in deze club zitten. Ja, ze waren invloedrijke musici. Maar hun levensstijl wordt ook gekenmerkt door overmatig drugs- en alcoholgebruik.
Dickie Pride
Dickie Pride is overleden op 26 maart 1969 als gevolg van een overdosis slaappillen. Op het moment dat hij overleed was hij 27 jaar en 156 dagen oud.
Het verhaal van Pride is een tragisch verhaal van een veelbelovende maar niet succesvolle carrière, veroorzaakt door drugs gebruik en mogelijk door ziekte. Hij was een van de eerste Britse rockers die de dood vonden ten gevolge van een overdosis drugs en daarmee lid van Club van 27.
Hij was geboren in Zuid-Londen in 1941 als Richard Knellar. Als kind hij blijk van een fijne zangstem en een voorliefde om voor het publiek op te treden. Op 8-jarige leeftijd speelde hij tijdens benefiet optredens en andere activiteiten van de gemeenschap. Zijn talent werd herkend en kreeg hij een beurs aan het Royal College of Church Music in Croydon. Daar geloofden zijn instructeurs dat hij een opera zanger zou worden als hij ouder werd. Hij zong o.a. in de kathedraal voor de aartsbisschop van Canterbury. Hij was echter geïnteresseerd in de jeugdcultuur stapte in een skiffle band (een band die een afgeleide speelt van Amerikaanse dixieland, folk, blues en jazz), terwijl hij ook nog in de kerk zong.
Na het verlaten van school had Richard een reeks muzikale baantjes in lokale pubs voor hij naar de universiteit ging. Hij tijdens een van die optredens ontdekt door Russ Conway, die zijn bevinding aan zijn vriend en zakenpartner Larry Parnes meldde. Parnes hoorde Richard zingen en zag meteen diens potentieel. Richard had een prima stem, en daarnaast zag hij er goed uit. Richard tekende een contract dat hem werd aangeboden en werd lid van de Parnes-stal van rock en roll-zangers.
Larry Parnes was een manager, ondernemer, impresario. Hij had ontdekt dat als je een knappe jonge man kon vinden die kon zingen en met zijn heupen kon wiegen, hij geld kon verdienen door deze op tournee te sturen en platen liet maken.
Zijn eerste poging in dit concept was met Tommy Steele in 1956. Hiermee had hij gematigd succes en nam zich voor het opnieuw te proberen.
Parnes werkte zijn concept verder uit en wist een aantal musici te contracteren. Hij nam Richard Kneller aan en liet deze zijn naam veranderen in Dickie Pride, dat meer flamboyant en theatraal overkomt. Naast zijn stal rockers, heeft Parnes de geschiedenis geschreven omdat naar verluidt een managementcontract met de Silver Beatles weigerde (later gewoon The Beatles), daar hij alleen solo zangers wilde.
In 1962 trouwde hij en bleek dat hij niet kon leven door te zingen. Hij probeerde een band op te richten in 1963, maar dit was van korte duur. Zijn vrouw en hij kregen in 1965 een zoon.
Dickie begon met een groep bekend als de Sidewinders. Helaas begon hij toen heroïne te gebruiken. Na een langzame verval in een depressie en een breuk in het gezin werd hij in 1967 opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis. Zijn artsen beslisten dat hij een lobotomie nodig had en voerden de operatie uit. Hij werd ontslagen uit het ziekenhuis en probeerde opnieuw zijn zangcarrière op te pakken, hetgeen mislukte. In 1969, werd hij dood in bed aangetroffen na het innemen van een overdosis slaappillen.
De puzzel.
01001110 00110101 00110010 10110000 00100000 00110010 00111001 00101110 00110011 00111000 00110111 00100111 00100000 01000101 00110101 10110000 00100000 00110100 00110011 00101110 00110001 00110001 00111001 00100111
Deze cache bevat een code die u nodig hebt om de bonustache te kunnen vinden. Deze code staat eveneens in de checker vermeld.
En voor de liefhebbers is hier de banner.

<a href="https://www.geocaching.com/geocache/GC7789N_de-club-van-27-11-dickie-pride?guid=aec55c58-accf-43a8-92de-e8976752731b">> <img src="https://s3.amazonaws.com/gs-geo-images/e6b3f1f9-b581-45cc-89d4-b2f600fe5aed.jpg" >

In deze serie verschenen reeds of moeten nog gepubliceerd worden:
| 01 |
Jimi Hendrikx |
15 |
Dave Alexander
|
29 |
Evangelina Sobredo Galanes
|
| 02 |
Janis Joplin |
16 |
Gary Thain
|
30 |
Jacob Miller
|
| 03 |
Kurt Cobain |
17 |
Chris Bell
|
31 |
Lesly Harvey
|
| 04 |
Brian Jones |
18 |
Jean Michel Basquiat
|
32 |
Alexander Bashlachev
|
| 05 |
Jim Morrison |
19 |
Kristen Pfaff
|
33 |
Nicole Bogner
|
| 06 |
Amy Winehouse |
20 |
Pete de Freitas
|
34 |
Helmut Köllen
|
| 07 |
Mia Zapata |
21 |
Alexandre Levi
|
35 |
Nat Jaffe
|
| 08 |
Alan 'Blind Owl' Wilson |
22 |
Jesse Belvin
|
36 |
Rodrigo Bueno
|
| 09 |
Linda Jones |
23 |
Richie James Edwards
|
37 |
Brian Ottoson
|
| 10 |
Pete Ham
|
24 |
Dennis Boon
|
38 |
Richard Turner
|
| 11 |
Dickie Pride
|
25 |
Jeremy Michael Ward
|
39 |
W Louis Chavin
|
| 12 |
Rudy Lewis
|
26 |
Robert Leroy Johnson
|
40 |
Valentín Elizalde
|
| 13 |
Ron ‘Pigpen’ McKernan
|
27 |
Malcolm Hale
|
41 |
Bonus
|
| 14 |
Wallace Yohn
|
28 |
Arlester "Dyke" Christiaan
|
|
|