De Zuiderzee – De Veneriete
De Zuiderzee ontstond in vroege middeleeuwen als gevolg van een serie overstromingen, waarbij steeds meer land verdween dat het oorspronkelijke binnenmeer – het Aelmere – van de Noordzee en de latere Waddenzee gescheiden had gehouden. Uiteindelijk ontstond een rechtstreekse verbinding met de Noordzee en werd het binnenmeer een binnenzee. De oorspronkelijke oppervlakte was circa 5.900 km². Met de voltooiing van de Afsluitdijk in 1932 werd de Zuiderzee gesplitst in twee afzonderlijke wateren. Voor de komst van de Afsluitdijk lag Genemuiden aan de Zuiderzee.
De Veneriete is een afwateringskanaal ten westen van Genemuiden en is 4km lang. De Veneriete loopt van het Venerietegemaal aan de Kamperzeedijk naar het Zwarte Meer. Even voor de uitmonding voegen de Veneriete en het riviertje de Goot zich samen. Tot 1856 werd het overtollige water van de polder Mastenbroek door middel van een windmolen afgevoerd via de Veneriete naar het Zwarte Meer. Aan de overkant van de Veneriete staat een klein gemaal met een piramidevormig dak, dat zorgt voor de afwatering van de achterliggende polder de Pieper.