Skip to content

Komgronden van Lampernisse EarthCache

Hidden : 11/4/2019
Difficulty:
2 out of 5
Terrain:
2.5 out of 5

Size: Size:   other (other)

Join now to view geocache location details. It's free!

Watch

How Geocaching Works

Please note Use of geocaching.com services is subject to the terms and conditions in our disclaimer.

Geocache Description:


 

KOMGRONDEN VAN LAMPERNISSE

 

INLEIDING

De Komgronden van Lampernisse strekken zich uit over Zoutenaaie (Veurne), Lampernisse en Oudekapelle (Diksmuide) en Alveringem. Op volgend kaartuittreksel is dit gebied groen ingekleurd. Dit beschermd gebied is een open wijdse vlakte die gekenmerkt wordt door grote komgrondgebieden met een grillig patroon van ontelbare waterlopen en grachten.

 

 

 

EARTHCACHE: KOMGRONDEN


Vorming van de kustvlakte

De vorming van de huidige kustvlakte begon zo'n 10.000 jaar geleden na de laatste ijstijd. Die laatste ijstijd, het weichselien, werd gekenmerkt door een extreem koud klimaat. De zeespiegel was zodanig gedaald dat delen van het Kanaal en de Noordzee herschapen waren in één grote zandvlakte.

 

 

Het einde van de ijstijd bracht opwarming in onze streken en betekende het begin van een nieuw geologisch tijdperk dat tot vandaag de dag duurt, het holoceen. Het begin van deze periode werd dan ook logischerwijze gekenmerkt door een zeespiegelstijging.

 

 

Omdat de kustlijn zich nog te ver van de huidige kustlijn bevond, reikte de invloed van de zee nog niet tot hier. De zeespiegel bleef echter voortdurend stijgen, waardoor de druk op het binnenland steeds toenam.

In de loop van het laatste millennium voor Christus kwam het getij hier de vlakte terug binnen wat zorgde voor de ontwikkeling van getijdengeulen.

 

 

Ontstaan van komgronden in deze kustvlakte

Bij het ontstaan van komgronden spelen de getijden een hoofdrol. Bij vloed stroomt het water de vlakte in langs zogenaamde getijdengeulen. Na verloop van tijd worden door erosie de bestaande geulen steeds verder uitgediept en worden er ook nieuwe geulen bijgevormd. In het landschap ontstaat hierdoor een netwerk van grachten en kreken.

Met het water worden ook kleine deeltjes zoals zand en klei aangevoerd. Deze worden op de bodem afgezet zodra de stroomsnelheid van het water afneemt. Zanddeeltjes zijn iets zwaarder en zakken dus vrij snel naar de bodem, dichtbij de geulen dus. Zo worden oeverwallen gevormd. Kleideeltjes op hun beurt zijn lichter, worden wat verder meegenomen en gaan pas afgezet worden bij quasi volledige stilstand van het water. Dit gebeurt pas op grotere stukken land tussenin het netwerk van waterlopen.

Een tweede belangrijk element in de vorming van komgronden is zogenaamde inklinking. Dit is het proces waarbij de grond in volume vermindert doordat het volume water in die grond afneemt. Hierdoor komt het oppervlak van de kustvlakte lager te liggen. Heel belangrijk hierbij is het feit dat klei wel en zand niet onderhevig is aan inklinking! Dit heeft tot gevolg dat de stukken land steeds lager komen te liggen ten opzichte van het niveau van en net langs de waterlopen.

Op die manier wordt een soort vicieuze cirkel in gang gezet. Doordat het omringende land lager komt te liggen, worden de gebieden nog makkelijker overstoomd. De getijden spelen dus een steeds grotere rol. Hierdoor worden steeds meer deeltjes afgezet. De stroken langs de waterlopen hogen op door de snelle sedimentatie van zand. De kleideeltjes die weer verderop in de vlakten sedimenteren, klinken weer in en zo ontstaat een steeds groter hoogteverschil.

 

 

Herkennen van komgronden

Komgronden zijn de laaggelegen gebieden in het waterrijke landschap. Typerend is dat ze altijd in combinatie met oeverwallen en stroomruggen voorkomen. De oeverwallen bevinden zich net naast de waterlopen. Stroomruggen worden net als oeverwallen gekenmerkt door een verhoogde ligging, maar in tegenstelling tot de oeverwallen bevinden deze zich aan de randen van een groter gebied, daar waar een rivier vroeger gestroomd heeft. De stroomruggen vormen dus de uiterwaarden van het gebied.

Die lage delen vormen diepe kommen waarin zware klei is afgezet, zogenaamde komklei. In de laaggelegen komgronden blijft het water het langst staan, waardoor dikke pakketten van deze komklei tussen de stroomruggen gevormd kunnen worden. Kleideeltjes die in water zweven, bezinken en er wordt een nieuw laagje komklei afgezet. Inklinking, waaraan de kleigronden onderhevig zijn, zorgen ervoor dat de komgronden steeds lager komen te liggen ten opzichte van de oeverwallen.

 

 

 

Gebruik van komgronden

De hoogteverschillen in het stromenlandschap hebben ook geleid tot verschillen in gebruik van dit land. Voor hun veiligheid leven bewoners van het rivierengebied hoog en droog op de oeverwallen en de stroomruggen. Op vlak van landbouw bevinden zich daar dan ook de akkers.

Omdat komgronden lang vochtig blijven, zijn ze niet erg geschikt voor landbouw. Boeren gebruiken ze daarom vooral als grasland: om het vee op te laten grazen. Hun graslanden liggen dan ook in deze nattere komgronden. Deze zijn natter omdat de zware klei slecht water doorlaat.

De eigenschappen van dit landschap met z'n kenmerkende hoogteverschillen die zich van nature door de eeuwen heen hebben gevormd, werden later door de mens nog versterkt door onder andere indijking van bepaalde delen om het gebied intenser en permanent te kunnen gebruiken voor agrarische doeleinden. Zo kon men het natuurlijke proces van overstomen zelf meer gaan sturen: irrigeren enerzijds en draineren anderzijds.

 

 

 

EARTHCACHE LOGVOORWAARDEN

Aan de hand van een 4-tal waypoints willen we u laten kennismaken met dit gebied. Het beantwoorden van bijhorende vragen kan door eenvoudige observatie. U zult tijdens uw tocht bepaalde geologische landschapselementen herkennen die in bovenstaande theorie uitgebreid werden toegelicht. Om volgende vragen te beantwoorden, beschrijft u dan ook gewoon met eigen woorden uw vaststellingen ter plekke en welke verbanden u kunt leggen in combinatie met bovenstaande theorie.

Wp1 kunt u het best met de wagen of fiets naartoe. Na het beantwoorden van de vraag hier, kunnen we u enkel aanraden om uw voertuig achter te laten bij de opgegeven parkeercoördinaten en van hieruit een mooie wandeling te maken die u voorbij alle andere wp’s brengt. Een aantal van deze wp’s bevinden zich namelijk op coords die enkel te voet bereikbaar zijn.


WP1
Vraag 1:
Welke is de straatnaam van de weg waar u zich hier bevindt?
Verklaar eenvoudig waarom deze naam gekozen werd en aan welke kant van de straat de zee zich dan wel bevond, in oostelijke of westelijke richting? Waar leidt u dat uit af?

WP2
Vraag 2:
Welk type landbouw kun je hier vaststellen?
Beschrijf met je eigen woorden waarom dit type landbouw hier voorkomt.

WP3
Vraag 3:
Observeer het landschap om je heen. Vergelijk de delen net langs de waterlopen met de grotere stukken land ertussen.
Zijn alle delen in dit gebied even hoog gelegen? Hoe kun je dit verklaren?

WP4
Neem hier ten slotte een (graag originele, leuke) foto van het brugje aan dit wp. Op de achtergrond moet het kerkje van Lampernisse te zien zijn samen met
een persoonlijk item. Uw gezicht mag, maar moet niet op de foto staan.


Gelieve ons uw antwoorden te bezorgen via mail of bericht via ons geocaching-profiel.

Veel succes en vooral, geniet van dit wondermooie stukje natuur!

 

Additional Hints (No hints available.)