Vlakbij het Liniepad staat deze fraaie molen.
Met zekerheid weten we, dat lang voor 1699, de zeven wipmolens die hier stonden en waarvan alleen de Uitwijkse molen en de Zandwijkse molen nog over zijn, al in 1537 bestonden. Waarschijnlijk werden ze rond 1500 gebouwd en sindsdien meerdere malen vernieuwd.
De molen met een vlucht van 25,70 meter is een van de zeer weinigen in zijn soort, zo niet de enige, waarvan niet alleen de ondertoren doch ook het bovenhuis nog grotendeels uit 1699 dateert. Bij de laatste ingrijpende restauratie (2009-2011) zijn bijzondere technieken toegepast om zoveel mogelijk van dit historische materiaal te behouden.
De Zandwijkse Molen heeft (net als de meeste andere Altenase watermolens) een fraai en authentiek stookhok, waarin de molenaar tijdens het malen kon verblijven.
In tegenstelling tot de poldermolens in de rest van ons land waren de Altenase molens meestal niet bewoond en was de molenaar er alleen aanwezig als er water verzet moest worden. Naast het bedienen van de molen was de molenaar in vroeger tijden ook belast met allerlei onderhoudswerkzaamheden in de polder, bijvoorbeeld het schoonhouden van de watergangen zodat het polderwater ongehinderd naar de molen kon stromen.
De Zandwijkse molen heeft geen echte bemalingsfunctie meer en maalt in een rondmaalcircuit. Door een stuw in het gesloten circuit is er een kunstmatige opvoerhoogte, waardoor de molen tijdens het malen toch wat kracht moet leveren zodat het houten binnenwerk op de juiste wijze wordt belast.
Een kleiner zogenaamd Bosmanmolentje houdt het water in het circuit op de juiste hoogte.
(Bron: website molensheusdenenaltena.nl)