Verbeelding van de Regge
- ONTMOETINGEN De Regge was een rivier die het binnenland van Overijssel ontsloot, maar altijd moeizaam, niet voor niets luidt de titel van een boek over scheepvaart in Overijssel: Varen waar geen water is. Nu is er overal water in de Regge, zomer en winter, maar dat kan alleen met veel stuwen en een verdiepte en gekanaliseerde bedding binnen een bedijking. In zo’n rivier kan helemaal geen zomp meer varen van Zwolle naar Binnen Gait. Voor de economische ontsluiting hoeft dat ook niet meer, het wegenstelsel is ruim voldoende. Verrassender is dat wat verstandige beslissingen leken tussen 1850 en in de zestiger jaren van de twintigste eeuw om bevaarbaarheid, de veiligheid van het gebied, en mogelijkheden van de landbouw te waarborgen, dat niet blijken te zijn. Kanalisering, bedijking en verdieping leidden tot grotere veiligheidsproblemen benedenstrooms en verdroging van de natuur. Op nationaal en internationaal niveau wordt nu gewerkt aan een fundamentele herziening van het watersysteem. De Regge wordt omgevormd tot een meer natuurlijke, dynamisch stromende laaglandrivier. “ Oog voor andere belangen De natuurlijke inrichting van de Regge gaat vaak gepaard met het creëren van nieuwe natuur. Door een ecologische verbindingszone aan te leggen wordt het mogelijk om de onderlinge samenhang van natuurgebieden te realiseren. Hierdoor kunnen planten en dieren zich verspreiden. Daarnaast wordt ook ruimte gecreëerd voor een levensvatbare en rendabele landbouw rond het Reggedal. De natuurlijke inrichting van de Regge geeft tevens een impuls aan recreatie en toerisme in de gemeenten waar de Regge stroomt. Ook worden plannen gemaakt voor wonen aan het water en beleving van water in stedelijk gebied.” Ruimte voor de Regge, folder over Reggeherstel van Waterschap Regge en Dinkel Enter is het dorp waar veel schippers woonden. De Entergraven is een waterloop in de Veurmors, het natte gebied tussen dorp en Regge waar vroeger de grote en kleine Waarf lagen. Een gebied voor het verwateren van bomen en waar ook twee werfjes lagen waar zompen gebouwd en onderhouden werden. De Entergraven ligt nu los van de Lee die mogelijk weer direct wordt aangesloten op de Regge om een nieuwe zomp, gebouwd op de nieuwe Waarf, weer -toeristisch- te laten varen op de Regge. Dit is de context voor de opgave om een vistrap + nieuwe stuw zo vorm te geven dat de transformatie van het Reggedal beleefbaar wordt. Maar, met bovenstaande nog vers op het netvlies, waarom een nieuwe stuw? De ware reden is dat we niet met het hele watersysteem naar een meer natuurlijke dynamiek terug kunnen. De instromende waterlopen worden apart gereguleerd, afgestemd op de taken die ze hebben in het stroomgebied van de Regge. De Entergraven stroomt nu via een stuw in de Regge, maar omdat de Regge vrijer door een breder deel van het dal zal meanderen ligt de oude stuw straks aan de overkant van de Regge, vandaar een nieuwe stuw. Maar, geen nieuwe stuw die het nog steeds onmogelijk maakt voor vis om vrij te trekken in het hele stroomgebied, dus een stuw met een vistrap.
De nieuwe stuw met vistrap “De Zompschippers hadden altijd een schop aan boord om in de zomer, waneer er weinig water in de Regge stond, dammen op te werpen. Achter zo’n dam wachtten zij met een paar schepen tot het water een eind gestegen was. Dan staken zij een gat in de dam en voeren snel met het afstromende water een paar honderd meter verder, om daar het spelletje te herhalen.” (Dhr. Bos in ‘rivieren en beken in overijssel’, in gesprek met de langst levende Enter schipper Gerrit Jan ten Berge) In een droomschets werd een verzonken zomp stuw en vistrap in één, de spanten drempels in het water waar de vis over tegen de stroom op zwemt. Maar, het verval is te groot tussen nieuwe peilen Regge en Entergraven. Op de lengte van een zomp, twaalf en een halve meter, zouden de stroomsnelheden veel te groot zijn plus dat het waterpeil in de Entergraven niet gegarandeerd stabiel is in zomer en winter. Stuw en vistrap zijn dus twee aparte gegevens, maar in het uiteindelijke ontwerp vormen ze wel een eenheid: een sterk uitvergroot silhouet van een op zijn kop liggende, gebroken zomp die als een dam dwars in de stroom ligt. In het breukvlak ligt de stuw, om de zomp (dam) heen stroomt de vistrap. De betonnen keerwanden van de stuw waarin de klep gevat wordt die de waterstand regelt worden boven maaiveld doorgetrokken. De bezoeker straks zal staand op de nieuwe stuw direct zien dat de vorm gelijk is aan de ‘follie’ die ze op een paar honderd meter aan de overkant van de Regge zien liggen. Door het optrekken van deze betonwanden en de hellende vormen van de zomp, wordt ook de nieuwe stuw een prettige plek om even te zitten, te genieten van het geluid van water, altijd wel een wand of helling die je uit de wind houdt, misschien in de zon, met ruim zicht op de omgeving en van dichtbij op de vistrap.
De VISTRAP, zomer en winter boven: variant loopvlak direct op duiker, en stuurkast lager op de duiker midden: variant loopvlak hoger dan duiker, stuurkast lager op de duiker onder: variant loopvlak hoger dan duiker, stuurkast direct op loopvlak De Entergraven is ecologisch gezien voor vis een aquarium met lage stroomsnelheid en arme oevers. Er komen dan ook alleen maar soorten in voor die met weinig tevreden kunnen zijn, als Ruisvoorn en Snoek, en dan nog in kleine aantallen. Door de bouw van een vistrap wordt De Entergraven toegankelijk voor andere vissoorten, als Modderkruiper en Winde, die leven in de Regge en op zoek zijn naar rustiger water als paaiplaats en schuilplaats voor jonge vis. Dan moeten wel ook de oevers meer natuurvriendelijk worden ingericht. Voor de Entergraven zal dat eenzijdig zijn. De waterstand van de Entergraven heeft ’s zomers en ’s winters verschillende streefpeilen om de landbouw mogelijk te houden. De Regge kan in de toekomst meer variëren in waterstand, maar heeft een vast minimum dat wordt gegarandeerd. In het Reggedal zal de natuur zich rijker ontwikkelen bij deze grotere dynamiek, kleine hoogteverschillen worden dan weer belangrijk voor plant en dier. De vissen kunnen zomer en winter vrij in en uit de Entergraven via de duikers die op zomer- en winterpeil worden afgesteld. Duiker en dekplaat kunnen onafhankelijk geplaatst worden. De dekplaat is net als de brug over de stuw van gebezemd beton, met in reliëf de woorden ZOMER en WINTER, overeenkomstig De VISTRAP, zomer en winter boven: variant loopvlak direct op duiker, en stuurkast lager op de duiker midden: variant loopvlak hoger dan duiker, stuurkast lager op de duiker onder: variant loopvlak hoger dan duiker, stuurkast direct op loopvlak De Entergraven is ecologisch gezien voor vis een aquarium met lage stroomsnelheid en arme oevers. Er komen dan ook alleen maar soorten in voor die met weinig tevreden kunnen zijn, als Ruisvoorn en Snoek, en dan nog in kleine aantallen. Door de bouw van een vistrap wordt De Entergraven toegankelijk voor andere vissoorten, als Modderkruiper en Winde, die leven in de Regge en op zoek zijn naar rustiger water als paaiplaats en schuilplaats voor jonge vis. Dan moeten wel ook de oevers meer natuurvriendelijk worden ingericht. Voor de Entergraven zal dat eenzijdig zijn. De waterstand van de Entergraven heeft ’s zomers en ’s winters verschillende streefpeilen om de landbouw mogelijk te houden. De Regge kan in de toekomst meer variëren in waterstand, maar heeft een vast minimum dat wordt gegarandeerd. In het Reggedal zal de natuur zich rijker ontwikkelen bij deze grotere dynamiek, kleine hoogteverschillen worden dan weer belangrijk voor plant en dier. De vissen kunnen zomer en winter vrij in en uit de Entergraven via de duikers die op zomer- en winterpeil worden afgesteld. Duiker en dekplaat kunnen onafhankelijk geplaatst worden. De dekplaat is net als de brug over de stuw van gebezemd beton, met in reliëf de woorden ZOMER en WINTER, overeenkomstig de doorlaathoogte van het water.de doorlaathoogte van het water. https://r.search.yahoo.com/_ylt=AwrIezf5krhnX10h2jqfKgx.;_ylu=Y29sbwMEcG9zAzEEdnRpZAMEc2VjA3Ny/RV=2/RE=1740178298/RO=10/RU=https%3a%2f%2fjeroenvanwesten.nl%2fwp-content%2fuploads%2f2020%2f03%2fVISSEND-VERLEDEN-16112011-LR.pdf/RK=2/RS=SHx3C5bG58iW3eKduI44VlYiuOk-