Je hebt de oversteek gemaakt. Nieuw terrein. Nieuw water. En een nieuwe stem:
De Watervalwachter bruist. Hij is luid, levendig, en lacht als een stroom in de lente.
"Waarom fluisteren als je kunt ruisen?" roept hij, terwijl het water onder hem dondert.
Hij bewaakt de kracht, de val, de stroom. Geen zachte fluistering hier – alleen de oerkracht van het water.
