de Rabenhauptkazerne
De Rabenhauptkazerne was een kazerne van de Nederlandse krijgsmacht aan de Hereweg in het zuiden van de stad Groningen. De kazerne was vernoemd naar de 17e-eeuwse militair Carl von Rabenhaupt, die een belangrijke rol speelde bij het Gronings Ontzet (Bommen Berend)
Bouw
De kazerne huisvestte het garnizoen Groningen, dat in de 19e eeuw werd geformeerd bij de stationering van het 12e Regiment Infanterie in Groningen. Het toenamlige provinciebestuur besloot 1875 om een kazerne te bouwen en hiervoor werd begin jaren 1890 een terrein op de Rijksgronden van de voormalige Helperlinie met een oppervlakte van 6952 m⊃2; geselecteerd. Nadat de Tweede Kamer in 1893 haar goedkeuring gaf, begon in 1895 de bouw van het 158 meter lange kazernegebouw met 44 meter brede paviljoens. Het gebouw werd net als de kazernes van Assen en Ede gebouwd door de Dordtse aannemer J.J. van Sluisdijk en werd ontworpen in de stijl van de neorenaissance.
In 1897 werd het gebouw voltooid, waarna het garnizoen verhuisde naar het gebouw vanaf haar oude locatie aan het Nieuwe Kerkhof. Het gebouw was zeer modern voor die tijd en had een eigen badinrichting en douches. Achter het terrein werd een haven aangelegd, die via het Helperdiepje aansluiting had op het Noord-Willemskanaal en het Winschoterdiep.
De kazerne met bijgebouwen en omgeving vóór 1940, gezien vanuit het Sterrebos. Links de Gevangenis (tegenwoordig de Van Mesdagkliniek), in het midden de watertoren (nu de plek van het Joods monument), onderaan het Sterrebos en rechtsonder hotel Het Boschhuis. Op het terrein is rechts de haven annex badinrichting zichtbaar, die al tijdens de Helperlinie in 1846 werd aangelegd voor de militairen.
Operationele periode
Veel Groningse jongemannen kregen in dit gebouw hun keuring voor de militaire dienst. Het 12e Regiment Infanterie bestond bijna volledig uit dienstplichtigen uit de provincie Groningen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog in Nederland verbleven er in 1914 een deel van de 1500 Britse matrozen van met name de First Royal Naval Brigade. Omdat de kazerne hierdoor overvol raakte, werden deze vanaf 1915 geïnterneerd in de door henzelf gebouwde barakken van het Engelse Kamp (zie ook 'Timbertown' GC9KNH2). Dit kamp werd na de oorlog tot een dependance van de kazerne gemaakt, waar dienstplichtigen en officiersgezinnen woonden en vanaf 1922 ook jongemannen moesten opkomen voor de keuring voor de militaire dienst. In 1938 werden de vervallen gebouwen echter afgebroken.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de kazerne ingericht voor de Duitse Wehrmacht, terwijl het Engelse Kamp werd ingericht voor soldaten van de Kriegsmarine (het Otto Weddingenlager). Na de Meistaking van 1943 werden bij de kazerne verzetsstrijders Harm Bakker, Berend Trip en Broer de Witte geëxecuteerd op de pistoolbaan.
Bij de bevrijding in 1945 was het de bedoeling van de Duitsers geweest om de kazerne als een belangrijke versterking te gebruiken, maar door de snelle opmars van de geallieerden moest dit plan worden opgegeven. Tijdens de strijd werd het gebouw op 14 april door Canadees artillerievuur vanuit Eelderwolde in brand geschoten. De schade was zo groot dat na de oorlog besloten werd om alles te slopen.
De uitgebrande Rabenhauptkazerne in 1945. Links op de foto is nog net de villa van de garnizoenscommandant zichtbaar, tegenwoordig een bedrijfspand.
Rabenhauptkazerne nu
Na de sloop bleef het terrein in gebruik bij het garnizoen Groningen en verschillende andere legerdivisies, commando's en de Koninklijke Marechaussee. Ook bleef het de locatie voor keuringen voor de militaire dienstplicht, waarvoor een nieuw keuringsgebouw werd gebouwd. Op het terrein werd in 1955, in de hoogtijdagen van de Koude Oorlog, ook een atoombunker aangelegd, van waaruit het luchtwachtcentrum Groningen opereerde.
In 1998 werd het terrein aangekocht door de gemeente om het om te vormen tot een woningbouwlocatie. De enige structuren die zijn blijven staan zijn een munitiedepot en de commandantenvilla. In het strookje groen naast de villa is de buste van Majoor Lodewijk Thomson te zien, oud lid van het garnizoen en eerste militair die sneuvelde op een vredesmissie. De straat die op het terrein van de voormalige kazerne is gebouwd werd naar hem vernoemd.
De Cache
Kijkend vanaf het nulpunt naar het noorden had men vroeger zicht op de gehele kazerne.